In het topic "Post eens een fot van je vakantiefiets" begon Bert van Sprang bloedstollende verhalen te vertellen over het afdalen op de fiets:
Ik trap af met drie anekdotes, waarbij ik van de laatste twee nog wel eens zwetend wakker kan worden 's nachts. Helaas geen foto's want het is zo lang geleden. (Tegenwoordig ben ik wat rustiger.) We beginnen rustig aan:
1. 1991, mijn eerste fietsvakantie, in Frankrijk. Mijn toenmalige vriendin en ik hadden fietsen van familie geleend, type stalen randonneur model 1980. Maar liefst 10 versnellingen, wat heb je nog meer nodig, dacht ik. Bleek echter toch een polderverzet te zijn met 52/42 voor. Wist ik veel. Toen we met veel moeite boven gekomen waren op de eerste heuvel, bleek in de afdaling dat de remkracht van beide fietsen ernstig tekort schoot. Ik moest echt vol in de ijzers om er een beetje vaart uit te halen. Voortaan al heel lang voor elke bocht gaan remmen en er zowiezo voor zorgen dat de snelheid niet te hoog opliep. Bij mijn vriendin was het nog erger. Die ging voortdurend remmend stapvoets de berg af, en had niet alleen het zweet in haar handen staan, maar bovendien ook enorme kramp na elke afdaling. Ik had toen ook nog niet de fietskennis van nu. Anders was ik naar de dichtstbijzijnde fietsenmaker gereden voor nieuwe, betere remblokjes. Deze krengen waren vast al heel oud en ingedroogd.
2. 2000, afdaling Mont Ventoux. Met een groepje fietsvrienden dwars door Frankrijk gefietst, ook de Mont Ventoux zat in het programma. Via de normaalroute naar boven, langs het monument voor Tommy Simpson, en na een korte pauze boven, aan de achterkant weer naar beneden. We duiken de afdaling in, op het eerste stuk tegen de 60km per uur en dan vol in de remmen voor de eerste bocht. Op het moment dat ik de bocht uit kom, psssscht, in één seconde mijn achterband leeg. Nog net geen klapband. Omdat ik net weer recht reed en de snelheid nog niet hoog was hield ik m'n fiets onder controle en kwam binnen een paar meter gecontroleerd tot stilstand. Oorzaak was onduidelijk. Het leek wel een stootlek, maar de bandjes waren toch keihard opgepompt. Misschien toch een scherp steentje. Ik heb er snel een nieuw binnenbandje ingelegd en ben in rustig tempo met knikkende knietjes naar beneden gereden. Wat als ik die lekke band een paar seconden eerder of later, bij 70 of 80 km/u had gehad, of net in een bocht? Je moet er niet aan denken.
3. 2001 Picos de Europa. Een jaar later met hetzelfde gezelschap dwars door Spanje gefietst. De route leidt ook door de Picos (gebergte in Noord-Spanje). Een fraaie afdaling, niet al te steil, maar wel lang en bochtig. Links van de weg een steile rotswand, rechts een afgrond van tientallen meters. Ik herinner me dat ik een kilometer of 50 à 60 per uur reed toen ik een scherpe bocht naar rechts naderde, met aan de ravijnkant een stenen muurtje dat de zicht op het wegdek ontneemt. Ik stuur naar de linkerkant van weg, rem vlak voor de bocht hard af en stuur in. Op dat moment zie ik achter het muurtje, precies in mijn baan een enorm gat in het wegdek opdoemen met losse scherpe kiezelstenen erin. Ik probeer om het gat heen te sturen. Dat lukt wel, maar ik realiseer me op dat moment dat ik dan de bocht niet meer ga halen. De kale rotswand komt pijlsnel op me af. Ik ga vol in de remmen, voor zover dat kan in de bocht. Met slippend achterwiel kom ik in de kiezel naast de weg terecht, daar blokkeert mijn voorwiel, mijn achterwiel komt van de grond, en ik kom tot stilstand met mijn schouder en helm tegen de rotsen. Niet te hard gelukkig. Scheurtje in mijn windjack, kras op mijn helm, blauwe plek en schram op mijn schouder. De fiets, de wielen en de banden zijn wonderwel onbeschadigd. Na een paar minuten bijkomen, kan ik met verhoogde hartslag en adrenalinespiegel mijn weg weer vervolgen. Pfieuw, narrow escape.
Nog iemand anders verhalen over afdalingen, waar je nu nog nachtmerries over hebt?
Het is natuurlijk stoere praat. Maar goed, ik ben er ook wel wijzer van geworden en zoek de grenzen niet meer zo op. Zal ook de leeftijd zijn.
Daar heb ik er ook nog wel een paar van, in de categorie 'door het oog van de naald'. Afdalen is natuurlijk zowiezo zo'n beetje de gevaarlijkste bezigheid op fietsvakantie, vanwege de hogere snelheden, de soms onoverzichtelijke bochtige wegen, de onbekendheid met de route, de niet altijd even goede staat van het wegdek, en het niet altijd even veilig rijdende overige verkeer.Bert van Sprang schreef: ↑vr 02 okt, 2020 11:15Een tweedehands stuur om vervolgens met 70km/h af te dalen zou mijn optie niet zijn. Sowieso zijn dit soort snelheden niet verstandig. Al te vaak gevaarlijke situaties meegemaakt: toch een auto uit straatje van rechts hoewel ik op een voorrangsweg reed, toch een tegemoetkomende auto terwijl ik dacht dat de weg helemaal vrij was, klapband voor door oververhiite velgen (remblokje op, metaal op metaal) en dit jaar bij een fietscollega over 50 cm losgescheurde velgrand met klapband tot gevolg.
Ik trap af met drie anekdotes, waarbij ik van de laatste twee nog wel eens zwetend wakker kan worden 's nachts. Helaas geen foto's want het is zo lang geleden. (Tegenwoordig ben ik wat rustiger.) We beginnen rustig aan:
1. 1991, mijn eerste fietsvakantie, in Frankrijk. Mijn toenmalige vriendin en ik hadden fietsen van familie geleend, type stalen randonneur model 1980. Maar liefst 10 versnellingen, wat heb je nog meer nodig, dacht ik. Bleek echter toch een polderverzet te zijn met 52/42 voor. Wist ik veel. Toen we met veel moeite boven gekomen waren op de eerste heuvel, bleek in de afdaling dat de remkracht van beide fietsen ernstig tekort schoot. Ik moest echt vol in de ijzers om er een beetje vaart uit te halen. Voortaan al heel lang voor elke bocht gaan remmen en er zowiezo voor zorgen dat de snelheid niet te hoog opliep. Bij mijn vriendin was het nog erger. Die ging voortdurend remmend stapvoets de berg af, en had niet alleen het zweet in haar handen staan, maar bovendien ook enorme kramp na elke afdaling. Ik had toen ook nog niet de fietskennis van nu. Anders was ik naar de dichtstbijzijnde fietsenmaker gereden voor nieuwe, betere remblokjes. Deze krengen waren vast al heel oud en ingedroogd.
2. 2000, afdaling Mont Ventoux. Met een groepje fietsvrienden dwars door Frankrijk gefietst, ook de Mont Ventoux zat in het programma. Via de normaalroute naar boven, langs het monument voor Tommy Simpson, en na een korte pauze boven, aan de achterkant weer naar beneden. We duiken de afdaling in, op het eerste stuk tegen de 60km per uur en dan vol in de remmen voor de eerste bocht. Op het moment dat ik de bocht uit kom, psssscht, in één seconde mijn achterband leeg. Nog net geen klapband. Omdat ik net weer recht reed en de snelheid nog niet hoog was hield ik m'n fiets onder controle en kwam binnen een paar meter gecontroleerd tot stilstand. Oorzaak was onduidelijk. Het leek wel een stootlek, maar de bandjes waren toch keihard opgepompt. Misschien toch een scherp steentje. Ik heb er snel een nieuw binnenbandje ingelegd en ben in rustig tempo met knikkende knietjes naar beneden gereden. Wat als ik die lekke band een paar seconden eerder of later, bij 70 of 80 km/u had gehad, of net in een bocht? Je moet er niet aan denken.
3. 2001 Picos de Europa. Een jaar later met hetzelfde gezelschap dwars door Spanje gefietst. De route leidt ook door de Picos (gebergte in Noord-Spanje). Een fraaie afdaling, niet al te steil, maar wel lang en bochtig. Links van de weg een steile rotswand, rechts een afgrond van tientallen meters. Ik herinner me dat ik een kilometer of 50 à 60 per uur reed toen ik een scherpe bocht naar rechts naderde, met aan de ravijnkant een stenen muurtje dat de zicht op het wegdek ontneemt. Ik stuur naar de linkerkant van weg, rem vlak voor de bocht hard af en stuur in. Op dat moment zie ik achter het muurtje, precies in mijn baan een enorm gat in het wegdek opdoemen met losse scherpe kiezelstenen erin. Ik probeer om het gat heen te sturen. Dat lukt wel, maar ik realiseer me op dat moment dat ik dan de bocht niet meer ga halen. De kale rotswand komt pijlsnel op me af. Ik ga vol in de remmen, voor zover dat kan in de bocht. Met slippend achterwiel kom ik in de kiezel naast de weg terecht, daar blokkeert mijn voorwiel, mijn achterwiel komt van de grond, en ik kom tot stilstand met mijn schouder en helm tegen de rotsen. Niet te hard gelukkig. Scheurtje in mijn windjack, kras op mijn helm, blauwe plek en schram op mijn schouder. De fiets, de wielen en de banden zijn wonderwel onbeschadigd. Na een paar minuten bijkomen, kan ik met verhoogde hartslag en adrenalinespiegel mijn weg weer vervolgen. Pfieuw, narrow escape.
Nog iemand anders verhalen over afdalingen, waar je nu nog nachtmerries over hebt?
Het is natuurlijk stoere praat. Maar goed, ik ben er ook wel wijzer van geworden en zoek de grenzen niet meer zo op. Zal ook de leeftijd zijn.
